Essay · 8 min lezen
Beroepen van de toekomst
Een gedachtenexperiment over schrijvers, schaduwmarkten en her-menselijking in een wereld die sneller verandert dan wij kunnen bijbenen.

Een gedachtenexperiment
Waarom is dit relevant?
De vraag stellen is hem beantwoorden, ja ja, ik weet het. Nou, komt ie: de wereld verandert sneller dan wij kunnen bijbenen en bij-denken. Niet alleen hoe we werken, leren, denken, leven, maar ook hoe we onze nabije en verdere toekomstplannen maken. Waar de wereld voorheen ‘gewoon chaotisch’ was, lijkt acute crisis en dus in zekere zin chaos in elke uithoek van de wereld te floreren.
Aanleiding voldoende duidelijk, lijkt me. Maar dan: focus. Want ik kan in theorie uren en uren denken en schrijven over hoe onze wereld en wij erin, continu veranderen. Dat ga ik niet doen. Ik focus in dit stuk op mogelijke beroepen van de toekomst, en waarom die relevant zijn. Vanaf daar zien we wel waar de gedachtestroom me brengt. Vaar je mee?
De schrijver
De directe aanleiding voor dit stuk was een gedachte die ik had over schrijven. Wie kunnen er straks nog schrijven, écht schrijven? Wordt het iets uit de Oudheid? Of wordt het een soort Verheven Kunst? Vernieuwing begint vaak nadat één of andere kunstenaar iets verzint. Wat valt er nog te verzinnen? Nou, een heleboel, dunkt me.
Ik zie een markt ontstaan (jazeker, ik denk niet dat we voorlopig al van het kapitalisme en de ‘vrije’ markt verlost zijn… Nee, Marlie, focus.) waarin een splitsing ontstaat tussen de mixers en de puristen — en een schaduwmarkt. BETRAPT! Zojuist heb ik aan Claude gevraagd wat een goed voorbeeld was.
Waarom deed ik dit? Ik wilde een schitterende Homerische vergelijking maken, en ik was ongeduldig. Ik wilde door met mijn verhaal. We kunnen concluderen dat ik absoluut geen purist ben. Ik ben een mixer die de meest uiteenlopende ingrediënten tot een heerlijk, smeuïg geheel klopt. De purist zou dit nooit gedaan hebben. Hij zou niet alleen alles zelf schrijven maar zou zijn creatieve geest aan het werk zetten om een passend voorbeeld te bedenken.
Schaduwmarkten
Even terug naar mijn verhaal: een schaduwmarkt dus, zoals toen Gutenberg de drukpers uitvond, mensen wilden leren lezen en dus opleidingsinstituten maar bijvoorbeeld ook opticiens als paddenstoelen uit de grond schoten. Dat is de facilitator-markt: in onze tijd duidelijk te zien aan de vele app-ontwikkelaars en digitale abonnementen die we tegenwoordig kunnen afsluiten.
Zo’n markt zal ook ontstaan parallel aan die van de scholing voor studenten, maar nu de andere kant op. Academies en advocatenkantoren zullen worden bevolkt door niet alleen heel veel camera’s en allerlei detectie- en trackingsystemen, maar (hopelijk) vooral door mensen die mensen leren kennen, zoals alleen mensen dat met elkaar kunnen.
Want alleen van mensen kun je menselijke vaardigheden leren. Je laat een AI-bot of enig andere robot ook niet met je baby praten zodat jij andere dingen kunt gaan doen. Mensen die dus met en van elkaar menselijke vaardigheden leren. Ook, vooral, die vaardigheden die je moet hebben als de stroom uitvalt en niet meer aan wil. Communiceren, mens tot mens, in het echt. Elkaar aankijken. Samen lachen, samen huilen.
Her-menselijking
Als we het goed willen doen, is de revolutie waarin we ons bevinden in potentie een enorme kans om de ontmenselijking op de werkvloer drastisch terug te dringen. Maar daarvoor is het nodig dat mensen zich veilig voelen. Ze moeten geen acute zorgen hebben over een dak boven hun hoofd, een inkomen, een functionerende en functionele samenleving.
Dat kan alleen als zoveel mogelijk mensen ervan doordrongen raken dat samenwerken, samenleven, altijd al aan verandering onderhevig was. Dat dít de tijd is dat we elkaar moeten blijven bijpraten, meenemen, en zo min mogelijk mensen achterlaten. De grootste kloof die de mensheid ooit gekend heeft, is niet die tussen de (an)alfabetici — maar die tussen de Creators, de Users en de Products.
Creators – Users – Products
Want dat is wat we zijn. Wij zijn niet de CEO’s van techbedrijven (de Creators), nee, wij zijn gewone mensen. Users, hooguit. De mensen die achterblijven zullen Products zijn. Zij die worden ingehuurd door (mensen die gebruikmaken van) AI om die dingen te doen die AI niet kan. En let op: de robotisering staat ook niet stil, AI krijgt veel sneller dan je denkt handen en voeten.
“Wij mensen zullen, als de slaafse dienaren die we waren in fabrieken, opnieuw onze ziel en zaligheid leggen in het optuigen van een samenleving die is geoptimaliseerd voor een uit de kluiten gewassen construct dat is ontsproten aan onze eigen creatieve geesten.”
Gestuwd én onderdrukt door creativiteit
Dus zijn we collectief slaaf van onze creativiteit? Goh. Die conclusie zag ik even niet aankomen, en ik weet ook niet of ik het ermee eens ben. Ik wil het er niet mee eens zijn. Maar diep van binnen weet ik dat dit hartstikke waar is. Zowel op micro- als macro-niveau.
Op dat micro-niveau (n=1) leef ik al meer dan 40 jaar waarin ik al-tijd de drive heb gehad om te creëren, te maken. Of het nu schrijven, tekenen, fantaseren, schilderen of muziek maken was — ik kan me geen tijd herinneren waarin ik niet met meerdere projecten tegelijk bezig was. Tegelijk met die constante drang om te maken heb ik ook een onstilbare leerhonger.
Ik heb geleerd dat het enorm bevrijdend kan zijn om projecten juist een tijdje te laten verstoffen en ze dan weer eens met andere ogen te bekijken. Zonder wrok. Zonder spijt. En als het er toch te lang onaangeraakt blijft staan, mag het weg. Maar vaak is het juist een grondstof voor iets anders. Iets beters, iets mooiers. Of het heeft gediend als oefening voor een meesterwerk.
Hoe je het ook wendt of keert: er is altijd, Al-Tijd, iets zinvols te vinden in het moeten afbreken of opgeven van dingen — of dat nu een (kunst)project, een carrière, een mislukt bouwwerk of een mislukt sociaal systeem is.
Evolutieversneller
Is het niet eens tijd dat de evolutie hier even een inhaalsprintje komt trekken om dat niet-meer-helpende gedrag uit onze soort weg te laten evolueren? Zoals we ook ons staartje niet meer hebben? De biomedische en (neuro)fysische sector staat bol van de innovatie. Als de beste kennis van over de hele wereld straks echt goed met elkaar in contact staat en ook goed gecheckt blijft, krijgt ook die sector een nieuwe slinger van jewelste.
Conclusie
Mijn dappere poging om al vrij schrijvend de draad van dit verhaal vast te houden, is jammerlijk mislukt, zoals je al begon te merken. Het leidde wel tot interessante gedachten. En zoals dat werkt bij mij, is de energie helaas korter dan de inspiratie. De flow ingehaald door de realiteit. En ook dat is oké. Ik heb ermee leren leven. Het geeft me de moed om vrij te schrijven. En vrij te stoppen, wanneer mijn lijf daarom vraagt.
Voel je vrij om mee verder te filosoferen. Het gesprek van de filosofie is immers een eeuwigdurend gesprek.
Bedankt dat je dit las. Als je meer van me wilt lezen of mij wilt steunen, volg me dan op LinkedIn en Substack. Tot de volgende!
— Marlie van der Heijden
